Italiaans Basis · Les 5.1 · Vrije tijd
Ho lavorato, ho dormito, ho cucinato: na deze les vertel je in een paar zinnen wat je in het weekend hebt gedaan. Je vraagt het een ander en reageert op wat die vertelt.
HerhaalStap 1
Drie vragen over module 4. Probeer het eerst zelf.
LeesStap 2
Het is maandagochtend. In de bar van Enzo kom je Chiara tegen. Ze vraagt hoe je weekend was. Jij vertelt wat je hebt gedaan. Zij vertelt over haar weekend.
Vanaf deze les gaat het over wat al gebeurd is. Chiara en jij zeggen tu tegen elkaar.
LuisterStap 3
| Italiaans | Nederlands |
|---|---|
| ieri | gisteren |
| scorso, scorsa | vorig, afgelopen |
| fa | geleden |
| la settimana | de week |
| pulire | schoonmaken |
| riposare | uitrusten |
| ballare | dansen |
| guardare | kijken (naar) |
| ascoltare | luisteren (naar) |
| la musica | de muziek |
| incontrare | ontmoeten, tegenkomen |
| telefonare | bellen |
| la festa | het feest |
| niente di speciale | niets bijzonders |
LeesStap 4
Wat je gedaan hebt, zeg je met avere en een voltooid deelwoord, net als in het Nederlands: ho lavorato, ik heb gewerkt.
Het deelwoord maak je van de hele vorm van het werkwoord:
| -are wordt -ato | lavorare | ho lavorato |
|---|---|---|
| -ere wordt -uto | vendere | ho venduto |
| -ire wordt -ito | dormire | ho dormito |
Avere verandert, het deelwoord blijft gelijk:
| ik heb gewerkt | ho lavorato |
|---|---|
| jij hebt gewerkt | hai lavorato |
| hij, zij heeft, u heeft gewerkt | ha lavorato |
| wij hebben gewerkt | abbiamo lavorato |
| jullie hebben gewerkt | avete lavorato |
| zij hebben gewerkt | hanno lavorato |
Fare heeft een eigen deelwoord: fatto. Cosa hai fatto? (wat heb je gedaan?), ho fatto una passeggiata. In les 6.4 leer je meer van zulke deelwoorden.
De Nederlandse valkuil: het deelwoord achteraan. In het Nederlands zet je het deelwoord achteraan: "ik heb gisteren een film gekeken". In het Italiaans staat het meteen na avere: ieri ho guardato un film. Niet ho un film guardato.
Wanneer?
| ieri | gisteren |
|---|---|
| sabato scorso | afgelopen zaterdag |
| la settimana scorsa | vorige week |
| due giorni fa | twee dagen geleden |
Chiara vraagt Com'è andato il weekend? Dat is een verleden tijd met essere; die leer je in les 6.4. Antwoorden kan met bene of benissimo.
OefenStap 5
Vul het deelwoord in.
Vul de goede vorm van avere in.
Kies de goede zin.
HerhaalStap 6
Een week nadat je deze les op Begrepen hebt gezet, staan hier 3 snelle vragen voor je klaar.

48 lessen · 8 modules · A1 · A2
Je stelt je voor, doet boodschappen, bestelt in de bar en vraagt de weg, in het Italiaans zoals je het in heel Italië hoort.
Inclusief btw · eenmalig · levenslang toegang
Je hoeft geen account te maken. Na het betalen krijg je een mail waarmee je meteen kunt beginnen.
Voor de btw op je factuur. De prijs blijft gelijk.
Toch niet wat je zocht? Vraag binnen 14 dagen je geld terug.
Je betaalt via Mollie met iDEAL | Wero, Bancontact of een overboeking.
Heb je al een account? Dan kun je ook eerst inloggen.
Met je bestelling ga je akkoord met de algemene voorwaarden. Lees ook ons privacybeleid.
Chiara komt naast je staan aan de bar. Zij begint.
| Italiaans | Nederlands |
|---|---|
| Com'è andato il weekend? | Hoe was je weekend? (letterlijk: hoe is het weekend gegaan?) |
| la ricetta della signora Bertoni | het recept van mevrouw Bertoni |
| mezzanotte | middernacht |
Luister en zeg na. Pas het daarna aan je eigen weekend aan.
| Italiaans | Nederlands |
|---|---|
| Bene, grazie! Sabato ho lavorato la mattina. Il pomeriggio ho pulito la casa. | Goed, dank je! Zaterdag heb ik 's ochtends gewerkt. 's Middags heb ik het huis schoongemaakt. |
| Domenica ho dormito fino alle dieci! Poi ho fatto una passeggiata al parco. E tu, cosa hai fatto? | Zondag heb ik tot tien uur geslapen! Daarna heb ik een wandeling gemaakt in het park. En jij, wat heb jij gedaan? |
| Che bello! Cosa hai cucinato? | Wat leuk! Wat heb je gekookt? |
| Niente di speciale. Ho riposato. | Niets bijzonders. Ik heb uitgerust. |
| Ieri ho guardato un film. | Gisteren heb ik een film gekeken. |
| Sabato scorso ho incontrato Chiara al bar. | Afgelopen zaterdag heb ik Chiara in de bar ontmoet. |
| Due giorni fa ho telefonato a mia madre. | Twee dagen geleden heb ik mijn moeder gebeld. |
Denk aan het gesprek. Klopt het?
3 vragen
Sam heeft zaterdagmiddag het huis schoongemaakt.
Chiara heeft zondag in de boekwinkel gewerkt.
Chiara en haar vrienden hebben gedanst.
Typ de zin zelf. Daarna hoor je het voorbeeld en vergelijk je.
Lees wat er gebeurt, zeg hardop wat je zegt en draai de kaart om.
1 / 4: Chiara vraagt: Cosa hai fatto ieri? Je hebt gewerkt.